"Een moordcomplot tegen het Duitse volk": AfD-politicus haalt uit naar migratiebeleid
In dit artikel:
Björn Höcke, leider van de Thüringse AfD, pleit in een recent meer dan vier uur durend podcastinterview opnieuw voor wat hij "remigratie" noemt: het actief terugdringen van niet-Europese immigratie en het terugsturen of ontmoedigen van nieuwkomers. Hij baseert zijn standpunt op demografische zorgen sinds de vluchtelingencrisis van 2015 en wil naar nul nieuwkomers uit niet-Europese landen, het beëindigen van de gedoogstatus ("Duldung") voor bijna een miljoen mensen en een terugkeer naar bloedrecht voor het staatsburgerschap (Jus sanguinis) in plaats van het sinds 1999 en verder versoepelde Jus soli.
Höcke noemt Denemarken als voorbeeld: premier Mette Frederiksen voerde strenge asielmaatregelen in, met tijdelijk beschermingsrecht, opvang buiten de EU en actieve terugkeerpolitiek. Hij ziet dergelijke maatregelen als richtinggevend voor Duitsland en Europa. Daarbij haalt hij historische voorbeelden aan, zoals Helmut Kohls Rückkehrhilfegesetz uit 1983 — een financiële stimulans die destijds leidde tot het vrijwillige vertrek van circa 150.000 Turkse gastarbeiders — en pleit hij naast financiële prikkels ook voor verhoogde assimilatiedruk om het leven van nieuwkomers "minder comfortabel" te maken.
Höcke ontkent dat zijn visie een racistische zuiverheidsobsessie is, maar zijn voorstellen sluiten aan bij een bredere Europese verschuiving naar restrictiever migratiebeleid: strakkere lijnen in Italië onder Meloni, de opmars van de FPÖ in Oostenrijk en nieuwe consensus in Zweden en Finland. Tegelijk blijkt uit Denemarken dat strengere koers electorale risico’s kent: Frederiksen verloor fors in maart 2026 terwijl een partij met expliciete remigratietaal juist won. De voorstellen van Höcke zijn daarmee zowel beleidsmatig radicaal als politiek omstreden.